Doorkijkje naar de Linge
Home
Historie van de waterlinies
Forten Forten & inundatiewerken
Download de route
Dorpen en steden langs de route
Bezienswaardigheden Bezienswaardigheden en buitenplaatsen
Toeristische atrracties Toeristische attracties
Contact

Vesting Woudrichem

Klik op kaartje voor vergroting vesting

De ouderdom van Woudrichem is af te leiden uit de vorm van de naam. De plaatsen met een uitgang op chem dateren uit de Karolingische tijd, dat is de periode van 800 en 900. Woudrichem is ontstaan als een marktplaats op de oeverwal langs de rivier die nu de Merwede heet. De huidige straten de Hoogstraat en de Molenstraat vormen deze oeverwal. Rond het jaar 1000 ontstaat merendeels ten noorden van de Alm, een ring van nederzettingen om Woudrichem. De rivier de Maas had toentertijd een heel andere loop en stroomde

niet langs Woudrichem, maar langs Heusden naar het westen. Later verlegt de hoofdstroom zich naar de Alm en weer later naar de Waal. Hoge Heren proberen hun machtssfeer met het Land van Altena te vergroten. Uiteindelijk wint Holland in 1332 en moeten Gelre en Brabant uit de verte toekijken


Satelliet foto ©Google

 

De ligging aan de rand van Holland aan de rivieren geeft Woudrichem een strategische positie. Zo is de stad in 1405 door de Arkelsen overvallen, door de Geldersen in 1511 en de Spanjaarden in 1573 en kort daarna nogmaals door de Spanjaarden. Daarna wordt het rustiger. Na de Franse tijd wordt het Land van Altena in 1815 definitief Brabants. In de veertiende eeuw is Woudrichem zodanig uitgegroeid, dat Heer Willem V van Altena in 1356 stadsrecht verleent. De burgers kunnen nu zelf recht spreken. De graaf van Holland verplaatst in datzelfde jaar de grafelijke riviertol van Niemandsvriend, tegenover het huidige Sliedrecht, naar Woudrichem. Hierdoor en door andere voorrechten, zoals het visrecht uit 1362 – verleend door Dirk Loef van Horne, de opvolger van Willem V – komt de plaats tot bloei. In deze tijd moet ook de Martinuskerk gebouwd zijn. In 1386 begon men aan de stadsmuur. In datzelfde jaar ontneemt de graaf van Holland het leen Altena aan de Hornes. Graaf Albrecht en later zijn zoon Willem treden nu op als Heer van Altena. Pas in 1417 geeft Jacoba van Beieren Altena aan de Hornes terug.

Dat Woudrichem een aanzienlijke plaats was, bewijzen de onderhandelingen die hier plaatsvonden tussen Jacoba's echtgenoot Jan van Brabant en haar oom Jan van Beieren om tot een vrede te komen (Zoen van Woudrichem). Als in 1420 de tol naar Gorinchem verplaatst wordt en in 1421 de Sint-Elisabethsvloed het achterland overspoelt, begint de economie te tanen. In 1700 is de situatie zelfs zo erg , dat de Staten van Holland vrijstelling van belasting verlenen. Het is dan ook niet vreemd, dat in de 19e en 20e eeuw het socialisme hier een vruchtbare bodem vindt. Wanneer in 1572 de Opstand uitbreekt, kiest ook Woudrichem voor de Prins.

Op de eerste vrije Statenvergadering te Dordrecht kan Woudrichem niet aanwezig zijn vanwege de gespannen situatie. In 1573 vinden de Geuzen dat Woudrichem onverdedigbaar is en zij verbranden de stad. Op voorstel van Prins Willem van Oranje wordt Woudrichem in de periode 1583–1588 van wallen voorzien naar ontwerp van Adriaan Anthonisz. van Alkmaar. Deze wallen worden binnen de oude muren aangelegd, waardoor het stadsoppervlak praktisch gehalveerd wordt. Daarna wordt de stad weer opgebouwd met hulp en steun van andere steden. In de loop der eeuwen is er wel wat aangepast aan de vestingwerken, maar ze liggen nog op dezelfde plaats waar Anthonisz. ze heeft gesitueerd. Na die tijd is de vesting nooit meer aangevallen. Bij de vestingwetten vanaf 1814 wordt Woudrichem als belangrijke vesting aangemerkt en opgenomen in de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Dit heeft tot gevolg dat er rondom de vesting niet gebouwd mag worden. In de dijk wordt in 1815 een sluis gebouwd om het land te kunnen inunderen.

Pas in 1926 worden de bepalingen versoepeld en in 1955 wordt de vesting opgeheven. Hierna is er dan ook gelegenheid om nieuwe wijken te bouwen en aan de benauwde situatie binnen de vesting een eind te maken. Niet alleen de militaire betekenis van Woudrichem verdween daardoor, ook de visserij, de eeuwen door de belangrijkste bron van inkomsten, moest het langzaam maar zeker afleggen tegen overbevissing,vervuiling en kanalisatie van de rivieren.



 

Het stadje Woudrich

em, dat tevens de hoofdplaats was van het omringende Land van Altena, heeft een veelbewogen historie achter de rug. In 1356 krijgt Woudrichem, ook wel genoemt Woerkum, stadsrecht. Stad en Land van Altena behoorde tot het gewest Holland en maakt pas sinds 1815 deel uit van Noord- Brabant.


 

Vesting on YouTube


Woudrichem - Werkendam ( fietstocht, met enig improvisatie ook met de auto te rijden)

Deze tocht begint bij de Vesting Woudrichem, al een belangrijke vestingstad in de 17e en 18e eeuw in de strijd tegen de Fransen. In de Waterlinie diende deze vesting ter bescherming van de inundatiesluizen voor het inunderen van het Land van Altena. De route voert verder langs het Werk aan de Bakkerskil en Fort Giessen. Op de weg naar Woudrichem komt u vele groepsschuilplaatsen uit de mobilisatie 1939-1940 tegen.

Routebeschrijving Woudrichem - Werkendam


 

Inundatiewerk de Papsluis

De Papsluis uit 1815, onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, wordt door Waterschap Rivierenland volledig gerestaureerd. De Papsluis is uniek, omdat het de meest zuidelijke inundatiesluis is in het lint van kunstwerken van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Het sluisje heeft zogenaamde waaierdeuren.